Stichting Onzichtbaar Ziek
Stichting die op een positieve manier streeft naar meer begrip/kennis rondom ziektes en beperkingen

Olijke beestjes

Door Hans Peter

Doordringend gepiep teistert al weken mijn brein.                                                                                                     
Of het van het ene op het andere moment er bezit van heeft genomen weet ik eigenlijk niet. In de rust van de nacht was het pas dat het me opviel. Het liet me ontwaken en ongetwijfeld met een slaperige blik heb ik de slaapkamer rondgekeken of ik de bron van het gesnerp kon ontdekken.

Natuurlijk zijn er muggen die je tot wanhoop drijven wanneer ze het uiterst nare geluid dat ze voortbrengen diep je gehoorgang injagen waar je trommelvlies het niet meer keren kan. Echt zijn er wel insecten die in het holst van de nacht je komen uitdagen om een klopjacht op hen te openen, maar dit was anders. Geen olijk met hun vleugeltjes wapperende beestjes kreeg ik te zien of een wekker die aan het muiten gegaan was. Geen mobiele telefoon op het nachtkastje naast me die de  lokroep van insecten nabootste, nee, niets van dat alles wekte me bruut uit mijn slaap!

Met de moed der wanhoop en de dekens diep over mijn oren getrokken probeerde ik de slaap weer te vatten, eigenlijk tegen beter weten in.

Het hoge piepgeluid dringt niet langs mijn oren binnen, maar ís er.                                                     
Diep in mijn hoofd. Het zit tússen mijn oren, zeg maar.                                                                  
Het is er niet altijd en het kondigt zich ook niet aan.                                                                                   
Ineens, uit het niets, merk ik het.                                                                                                             
Het komt en het gaat.                                                                                                                
Overdag, ’s nachts, in weer en wind, in de bus of op de fiets.                                                  
Wandelend mét de hond en kuierend zonder.

Eerlijk is eerlijk. Het went. Als het er even niet is mis ik het niet. Als het overduidelijk wel bezit van me heeft genomen is het alsof het niet is weggeweest. Natuurlijk hoort het niet. Gesnerp dat geen aanwijsbare oorsprong heeft en waarvan nog niemand weet hoe het is te bestrijden.                                                                                                           
De neuroloog die mij onder zijn patiënten weet voerde desgevraagd een testje uit. Met een stemvorkje meende hij nagenoeg te kunnen uitsluiten dat het te relateren zou zijn aan mijn epilepsie. De beste man heeft gestudeerd en zal het vast het beste weten, al ben ik er vrij zeker van dat er weinig mis is met mijn oren. Hij laat het aan de huisarts over om dit uit te sluiten. Ik heb een aardige huisarts. Ze heeft gestudeerd en zal het vast het beste weten. Wie weet verwijst ze me naar mijn neuroloog …